Rabarber

Rabarber is een van de eerste gewassen die in het voorjaar van de koude grond kan worden geoogst. Het stelt geen hoge eisen aan de grond en vraagt niet veel verzorging. Het hoort tot de plantenfamilie boekweit. De planten kunnen 15 jaar oud worden.

Standplaats
Rabarber verdraagt lichte schaduw, liefst op een warme plek aan de slootkant. Plant een nieuwe stronk op een plek waar nog nooit rabarber heeft gestaan. Rabarber kan ook goed tussen de vaste planten in een bloeiende border. Het maakt mooi groot blad. Een verzorgde plant gaat 15 jaar mee.

Bodem en bemesting
Rabarber groeit op grond die diep is losgemaakt, 35 cm diep en vochthoudend. In de winter kunnen ze max. 14 dagen onder water staan. In de zomer max. 4 dagen zonder water. Rabarber houdt van zware organische bemesting voor een goede opbrengst.

Rabarber in bloei = eetbaar = snijbloem

Nieuwe plant
Er worden stukken wortel geplant van een minstens drie jaar oude plant. Scheuren en planten gebeurt in november. Met een scherpe spade verdeel je de pol in stukken, bijvoorbeeld 4 stukken. Na het scheuren laat je de wortelstekken enkele dagen opdrogen. De plant neemt 1 x 1 m ruimte in. Plant in een ondiep plantgat van ongeveer 5 cm zodanig dat de neuzen net onder de grond zitten. Ieder jaar in februari/maart compost geven.
Je kunt nu een plant in een pot kopen bij een biologische tuinderij of kwekerij. Dan heb je volgend jaar eigen rabarber uit eigen tuin.

rabarber met blad

Oogsten
De bladeren zijn giftig, maar wel goed voor de composthoop. Je kunt de stengels beter niet afsnijden, dan heb je kans op rot en daardoor beschadigde knoppen en slappe stengels. Trek liever de stengels los door de steel zo laag mogelijk beet te pakken en hem af te breken met een draaiende beweging. Oogst niet meer dan de helft van de stelen, de rest is nodig voor later of voor voldoende kracht in de plant voor volgend jaar.

Voedingswaarde
Het bevat waardevolle mineralen en vooral vitamine C en veel oxaalzuur. Dit zit vooral in het blad en trekt omstreeks 24 juni (Sint Jan) naar de stengels. Daarna is het beter om geen stengels meer te oogsten. Oxaalzuur bindt kalk en dus ook uit ons lichaam. Dit gebeurt alleen als je er veel van eet. Rabarber is minder geschikt voor jonge kinderen en voor mensen met nierklachten.

Voor gezonde mensen kan rabarber stimulerend werken op de stofwisseling. Door toevoeging van wat citroen- of sinaasappelssap is het niet nodig om suiker toe te voegen. Kook gedroogde dadels of rozijnen mee om de zure smaak te verminderen.  Of doe een beetje honing over de gekookte rabarber vlak voordat je het eet.

Recept Rabarber

Voorbereiden
Gebruik verse, niet slap hangende, rabarber zonder blad. Het is niet nodig om rabarber te schillen. Verwijder voor het koken het bruine velletje onder aan de steel. Snijd het witte stuk onderaan de steel in kleine stukjes en kook dit ook mee. Het verzacht de zure smaak. Verwerk rabarber meteen om vitamineverlies te voorkomen.

  • Recept voor Rabarbermoes (1 liter)
  • 1 kg rabarber in stukjes van 1 cm1 cm water (of 4 eetlepels)
  • 80 gram klein gesneden dadels
  • 30 gram klein gesneden gemberwortel
  • de schil en sap van een sinaasappel of halve citroen
  • eventueel 1 lepel arrowroot om te binden.

Doe de rabarber met een bodempje water, dadels, gember in een pan en vermeng alles goed. Breng al roerend aan de kook op matig vuur. Kook het 5 minuten gaar. Los arrowroot op in het vruchtensap en roer het door de rabarber. Laat het nog even aan de kook komen. Laat de rabarber afkoelen. 
Serveer met zelfgemaakte vanillevla of op een beschuit met aardbeien 

Bronnen 
Gezond Lekker Eten, Christofoor, 1989
Wilde venkel en rabarber, Caroline Zeevat en Ans Withagen, Van Dishoeck 2009.
Handboek ecologisch tuinieren, Velt, 2014

TuinTips voor Mei

Korenbloemen
Korenbloemen – Centaurea zaaien

De dagen worden langer en de kans op vorst aan de grond is bijna voorbij na IJsheiligen op 15 mei. Er is veel te doen in de tuin en moestuin.  Ga zo nu en dan even rustig zitten om te genieten van het frisse blad dat boven de grond komt en de voorpret van wat er aan bloemen en geuren komen gaat.

In de snijbloementuin

  • De vorstbestendige eenjarigen die je hebt voorgezaaid kan je nu uitdunnen, zodat je ze kunt overplaatsen naar de definitieve plek in je snijbloementuin. 
  • Zaai snel groeiende eenjarigen in je plantvakken waar later in het jaar gaten gaan vallen. Zoals Kantbloem (Ammi majus), Juffertje in het groen (Nigella), Cerinthe, Schildzaad (Alyssum), Goudsbloem (Calendula), Korenbloem( Centaurea), of een wilde bloemen mengsel met inheemse soorten. 
  • Zaai de Zinnia’s ter plaatse op 12 mei of op een van de dagen daarna. 
  • Zaai tweejarigen zoals Vingerhoedskruid (Digitalis) en de prachtige muurbloemen (Erysimum) in vele kleuren. 
  • Je kunt nu een bloemenweide zaaien met eenjarige en vaste soorten. Kies een zonnige plek met goed doorlatende grond. Maak het onkruidvrij. Spit de bovenste 30 cm los en egaliseer het of maak juist een heuveltje. Zaai breedwerpig, zoals de boeren vroeger zaaiden. Rol het aan met een grasrol (gevuld met water) of druk het aan door er houten plank op te leggen en overheen te lopen. Blijf de eerste 6 weken 3x per week water geven zodat de zaden ontkiemen. 

Oogsten:

Primula elatior – Slanke sleutelbloem in vochtige bosgrond
  • Oogst zaad van de inheemse soorten: Gulden-, Slanke- en Gewone sleutelbloem (Primula veris, Primula elatior en Primula vulgaris). Als je ze nu uitzaait, geef ze dan regelmatig water. 

Bollen en knollen 

Wilde hyacinten
  • Als de voorjaarsbollen zijn uitgebloeid laat dan het blad afsterven. Het blad zorgt voor het opladen van de bol zodat die volgend jaar weer kan groeien en bloeien. 
  • Als de wilde hyacinten (Hyacynthoides non scripta) zijn uitgebloeid kan je ze uitsteken en ze scheuren zodat je meerdere planten hebt. Als je met het groene loof eraan herplant maken ze snel nieuwe wortels. Snijd in dat geval wel de bloemhoofden af. 
  • Snijd de bloemhoofden van de late tulpen af en geef ze voeding: bloed-, vis- en beendermeel. Dit stimuleert de groei van het groene blad voordat het afsterft zodat de bol voldoende zon oplaadt (photosynthese)  die volgend jaar weer kan groeien en bloeien. 
  • Als de bloeiende uienbollen net over het hoogtepunt van hun bloei zijn, snijd ze dan af en zet ze met een klein bodempje water in een hoge vaas om te verdrogen. Je hebt er de hele winter plezier van.
  • Knip het loof van de bloeiende uienbollen weg. Dat kan omdat de bollen al opgeladen zijn oor volgend jaar. 

Oogsten: 

Door het warme voorjaar zijn de meeste tulpen al over hun hoogtepunt heen. Heerlijke bloemen om te knippen uit je eigen tuin: 

  • Narcissen, tulpen, hyacinten, fritillaria, sieruien 
  • Euphorbia, Helleborus, Lelietje-van-Dalen, Salomonszegel 

  Vaste planten, heesters en bomen 

Calycanthus - specerijstruik

Snoeien en opruimen

  • Om de bloei te verlengen van zomer- en najaarsbloemen knip je 1/3 e van de stengels 1/3 e terug (dit heb ik geleerd van Jacqueline van der Kloet). Het vertraagd de maken van nieuwe knoppen in die bloemstengel. Het stimuleert om nieuwe knoppen te maken en je hebt daardoor een tweedebloei of een langere bloei. Ik doe het jaarlijks bij Phloxen, Monarda, Helenium. 
  • Voorjaarsbloeiende heesters kunnen direct na de bloei worden uitgedund of iets worden teruggesnoeid, zodat ze volgend jaar weer mooi bloeien. 
  • Als je buxus in je tuin hebt dan kan je die nu met een snoeischaar in vorm knippen. Doe het niet met een heggenschaar, want dat geeft een lelijk resultaat. 
  • Is je buxus ter ziele dan kan je die vervangen door Lonicera nitida ‘Green Envy’ of Choisya ternata 
  • Bindt de zoete erwten – Lathyrus iedere week op zodat er rechte stengels groeien die mooi in je vaasjes staan. 
  • Knip de blauwkussentjes – Aubretia en Schildzaad – Alyssum terug voor een tweede bloei. 
  • Je kunt de vroegbloeiende clematis uitdunnen voor een tweede bloei.
  • Laatbloeiende clematis opbinden. 
  • Blijf wieden, niet schoffelen, maar ongewenste kruiden tussen de vaste planten wegtrekken. 
  • Dikke pollen vaste planten kan je uitgraven, op een grondzeil leggen en ze scheuren om te vermeerderen om ze op die manier te verjongen. 
  • Knip de oude stengels terug van de schilpadbloem – Penstemons 

Planten 

  • Dahlia en andere zomerbollen kan je nu planten, voor een lange zomer vol bloemen in je tuin. Als je dit nog niet gedaan hebt: doe het nu zo vroeg mogelijk in mei. 
  • Op patio’s – binnenplaatsen kan je mooie klimmers vanuit potten, van tenminste 35 cm doorsnee, laten groeien tegen de muren. Of maak een wigwam van hazelaarsstokken en takjes van zilverberk. 
  • Eenjarige kunnen vanaf 15 mei naar buiten. Geef de planten maandelijks biologische voeding zodat ze lekker te eten en te drinken hebben tijdens het groeiseizoen. 

Moestuin

  • Plant courgette en pompoen. Let op dit worden grote planten van 1 x 1 meter. Er zijn ook klimcourgette en klimpompoen verkrijgbaar. 
  • Zaai bietjes, wortels, erwten en sla. Of zaai een tweede ronde zodat je over 6 weken weer verse sla hebt. 
  • Geef regelmatig water. Minimaal 3 x per week bij droog weer om te voorkomen dat de compost uitdroogt. 
  • Houd de muntplanten onder controle. Ze maken graag ondergrondse wortels en voor je het weet wandelen ze door je hele tuin.  
  • Bieslook, venkel, dille en marjolein kunnen een klein beetje worden teruggeknipt om ze goed in vorm te houden. Heerlijk om het verse loof in de keuken te gebruiken.  
  • Aardbeien worden bestoven door insecten. Zorg er voor dat de planten bereikbaar zijn voor insecten en niet zijn afgedekt door fijn gaas. 
  • Je kunt klein fruit afdekken tegen vogels. Ik doe dat niet! Omdat er regelmatig vogels vast komen te zitten in de netten. In mijn tuin mogen de vogels mee eten.
  • Meeldauw kan je het beste wegknippen en niet op de composthoop gooien, maar in de afvalbak om verspreiding te voorkomen. 

Oogsten 

  • Rabarber kan geoogst worden. 
  • Raapsteeltjes
  • Misschien ook al de eerste pluksla 
  • Rozemarijn: lekker bij de gebakken aardappels 
  • Salie: lekker bij de pasta 
  • Munt: met gember om thee van te trekken 

Tuinklusjes in Mei 

regelmatig water geven
  • Blijf wieden, vooral op warme en droge dagen zodat de ongewenste kruiden snel uitdrogen. 
  • Zet plantsteunen neer bij hoge vaste planten die bij harde wind of regen kunnen omvallen zoals Delphiniums en Pioenen. 
  • Geef je potten iedere twee weken vloeibare plantenvoeding om de bloei te stimuleren. 
  • Ga je nieuwe potten vullen, meng dan 1/3 perliet door de tuinaarde (of gebruik turfvrije potgrond die in Nederland moeilijk verkrijgbaar is.) voor de afwatering van de planten in de potten. 
  • Als je brandnetels en smeerwortel in je tuin hebt dan kan je daar goede vloeibare plantenvoeding van maken: verzamel het in een teil en vul het met water. Laat het een week staan. Het gaat stinken. Giet het in een tankje en gebruik het als plantenvoeding. 
  • Als de Dahlia’s aan het eind van de maand flink veel blad hebben gemaakt kan je de stengels uitdunnen om de bloei te stimuleren. 
  • Snoei de hagen 1x (voor de langste dag van het jaar) en geef ze plantenvoeding.  
  • Houd de naaktslakken in de gaten. Gebruik aaltjes of nemaslug die de slakken bestrijden en verzamel koffiedrap. Leg dit om de planten heen die door de slakken worden aangevreten.